V10: Epidemiologisch onderzoek: opzet en interpretatie

De cursus 'Epidemiologisch onderzoek: opzet en interpretatie' zal de belangrijkste principes van epidemiologisch onderzoek aan de orde stellen. De deelnemers verwerven inzicht in de belangrijkste begrippen, methoden en technieken van epidemiologisch onderzoek. De onderwerpen die tijdens de cursus behandeld worden, vormen samen de kern van zowel de algemene als de klinische epidemiologie. De rol van de epidemiologie bij de evaluatie van diagnostische tests komt in deze cursus tevens aan de orde. Daarnaast zullen ook de onderzoeksmethodieken naar de effectiviteit van behandelingen besproken worden. De voorbeelden die tijdens de colleges en in het kader van de opdrachten gebruikt zullen worden om de theorie te illustreren, hebben zowel betrekking op gezondheidsproblemen zoals die zich manifesteren in de kliniek, als op thema’s afkomstig uit de 'public health'-sfeer.

De cursus 'Epidemiologisch onderzoek: opzet en interpretatie' is een 5-daagse cursus die twee maal per jaar wordt aangeboden.

Als bij een cursus [vol] staat, kunt u zich wel aanmelden, maar wordt u op een wachtlijst geplaatst. Zodra er een plek vrijkomt nemen we contact met u op. Op dat moment kunt u nog besluiten of u wilt deelnemen aan de cursus.

Datum:
18 t/m 22 september 2017
22 t/m 26 januari 2018
17 t/m 21 september 2018
Plaats:
Conferentiecentrum Rolduc
Coördinator:
Prof. dr. R. Ostelo
Voertaal:
Nederlands
Werkvorm:
Colleges en werkgroepen
Toetsvorm:
Schriftelijk
Tentamendata:
Zie rooster bij 'Tentamens'
Aantal EC:
4
Type cursus:
Verplichte cursus
Periode:
1
Niveau:
400
Bijzonderheden:
Inclusief volpension (overnachtingen en maaltijden)
  • Inhoud

    Hulpverleners en consumenten worden in de gezondheidszorg in toenemende mate geconfronteerd met de resultaten van epidemiologisch onderzoek. De laatste jaren is steeds duidelijker geworden dat een optimale gezondheidszorg niet bestaat uit het klakkeloos toepassen van geavanceerde technologische kennis. Beheersing van de kosten van gezondheidszorg is inmiddels een algemeen aanvaarde doelstelling. Voor het maken van een rationele keuze tussen diagnostische mogelijkheden, therapieën of voorzieningen is onderzoek naar effectiviteit onontbeerlijk. De behoefte aan dergelijk onderzoek wordt ook in Nederland steeds groter, zowel binnen de medische en paramedische sector als in de hoek van de alternatieve geneeswijzen. Steeds vaker tracht men de zorg te structureren door het opstellen van ‘evidence-based’ richtlijnen. Epidemiologisch onderzoek en systematische literatuuroverzichten zijn een belangrijke bron van informatie voor deze richtlijnen.
    Ook over de oorzaken van gezondheid en ziekte komen regelmatig op epidemiologisch onder-zoek gebaseerde uitspraken in de publiciteit. Het is daarbij uitermate hinderlijk dat de informatie over ongezonde gewoonten en gedragingen vaak tegenstrijdig lijkt te zijn. Een helder inzicht in de opzet en uitvoering van het desbetreffende onderzoek ontbreekt veelal, en de exacte betekenis van de resultaten blijft daardoor onduidelijk.

    De cursus 'Epidemiologisch onderzoek: opzet en interpretatie' zal de belangrijkste principes van epidemiologisch onderzoek aan de orde stellen. De deelnemers verwerven inzicht in de belangrijkste begrippen, methoden en technieken van epidemiologisch onderzoek. De onderwerpen die tijdens de cursus behandeld worden, vormen samen de kern van zowel de algemene als de klinische epidemiologie. Zo wordt de opzet van onderzoek naar het klinisch beloop van ziekten (prognostische epidemiologie) tezamen besproken met de opzet van onderzoek naar ziekte-oorzaken (etiologische epidemiologie). De rol van de epidemiologie bij de evaluatie van diagnostische tests komt in deze cursus tevens aan de orde. Daarnaast zullen ook de onderzoeksmethodieken naar de effectiviteit van behandelingen besproken worden. De voorbeelden die tijdens de colleges en in het kader van de opdrachten gebruikt zullen worden om de theorie te illustreren, hebben zowel betrekking op gezondheidsproblemen zoals die zich manifesteren in de kliniek, als op thema’s afkomstig uit de 'public health'-sfeer. De nadruk ligt daarbij op de methode en technieken van het onderzoek en minder op de (medische) inhoud.

    Uiteraard is het niet mogelijk om iemand in één week op te leiden tot volleerd onderzoeker. Serieuze deelname aan de cursus geeft wel de garantie dat men na afloop beter in staat zal zijn om in onderzoek te participeren en wetenschappelijk werk van anderen kritisch te beoordelen. Daarmee is men tevens in staat om zich een grondiger oordeel te vormen over de grondslagen van 'evidence-based medicine' en ‘evidence-based health policy’ die zich in een toenemende populariteit mogen verheugen.

  • Docenten


    Prof. dr. R.W.J.G. Ostelo, cursuscoördinator
    afdeling E&B VUmc Amsterdam en FALW, VU Amsterdam

    Prof. dr. L.M. Bouter,
    afdeling E&B, VUmc Amsterdam

    Professor Lex Bouter is eerste auteur van het Leerboek Epidemiologie dat centraal staat in de cursus. Hij was hoogleraar epidemiologie vanaf 1992 en is sinds 2014 hoogleraar methodologie en integriteit. Lex Bouter is auteur van ruim 700 wetenschappelijke artikelen die in totaal meer dan 40.000 werden geciteerd.


    Dr. M.R. de Boer,
    FALW, VU Amsterdam

  • Leerdoelen

    1. De student kan uitleggen op welke manier epidemiologisch onderzoek een bijdrage levert aan kennis over ziekten zowel in de klinische als in de “public health” praktijk.
    2. De student kan de karakteristieken van epidemiologisch onderzoek benoemen op elk van de volgende gebieden: etiologie, preventie, diagnostiek, prognose, therapie, zorg.
    3. De student kan de verschillende frequentiematen berekenen, interpreteren en op de juiste wijze toepassen.
    4. De student kan de verschillende associatiematen berekenen, interpreteren en op de juiste wijze toepassen.
    5. De student kent de principes van en criteria voor causaliteit en kan ze toepassen aan de hand van relevante voorbeelden.
    6. De student kan de verschillende vormen van epidemiologisch onderzoek benoemen en van elke vorm de specifieke kenmerken en de bijbehorende uitkomstmaten aangeven.
    7. De student kan het onderscheid tussen toevalsfouten en systematische fouten benoemen en herkennen in de literatuur.
    8. De student kan het tussen interne en externe validiteit benoemen en op een juiste wijze hanteren bij het beoordelen van een studie.
    9. De student kent de drie vormen van vertekening: selectiebias, informatiebias en confounding. En de student kan er zelf mee werken en kan deze vormen herkennen bij het beoordelen van literatuur.
    10. De student kan het onderscheid tussen confounding en effect-modificatie uitleggen en kan de bijbehorende analyse uitvoeren. Ook kan de student beoordelen of een studie op een juiste wijze confounding en effect-modificatie heeft onderzocht en geïnterpreteerd.

  • Opzet van de cursus

    Tijdens de cursus worden diverse onderwijswerkvormen gebruikt zoals hoorcolleges, groepsbijeenkomsten met opdrachten en zelfstudie.
    De reader van de cursus bevat de literatuur en opdrachten die behoren bij de werkgroepen, de opdrachten voor zelfstudie, en handsouts van de bij de voordrachten gebruikte PowerPoint presentaties. Antwoordsleutels bij de casus voor de werkgroepen en de opdrachten voor zelfstudie worden tijdens de cursus uitgereikt. Globaal valt het programma uiteen in drie soorten activiteiten: voordrachten, werkgroepen en zelfstudie.

    Voordrachten

    Zowel 's ochtends als 's middags zijn er in de regel blokken van 45 minuten gereserveerd voor voordrachten over afgebakende onderwerpen binnen de epidemiologie. Het zal daarbij vooral gaan om uitleg van de belangrijkste principes aan de hand van voorbeelden. Het is niet de bedoeling om de stof uitputtend te behandelen: het gaat primair om illustratie en verduidelijking. Vragen en opmerkingen zijn daarbij zeer welkom.

    Werkgroepen

    De ervaring leert dat het actief omgaan met de stof onmisbaar is bij het verwerven van inzicht in de opzet en interpretatie van epidemiologisch onderzoek. Daarom is er per dag twee maal anderhalf uur uitgetrokken om in werkgroepen met elkaar te discussiëren aan de hand van een casus. Deze werkgroepen worden begeleid door een ter zake kundige tutor, maar het is zeker niet de intentie om er mini-colleges van te maken. De bedoeling is juist dat men met elkaar tracht om de problemen uit de casus op te lossen. Van iedere casus is een antwoordsleutel beschikbaar, die achteraf wordt uitgereikt.

    Zelfstudie

    De avonden zijn gereserveerd voor zelfstudie. Desgewenst kan men dit op eigen initiatief doen in kleine subgroepjes. Voor wie behoefte heeft aan een duide­lijke struc­tuur voor deze avonden, zijn bovendien aan het cursus­materiaal een paar extra oefeningen toegevoegd, die de studenten nog eens langs de hoofdpunten van de leerstof loodsen. Voorts zijn de docenten en tutoren gedurende de avonden beschikbaar voor het beantwoorden van vragen. Aange­raden wordt verder te proberen deze tijd te benutten om de stof nog eens rustig door te nemen aan de hand van de relevante passages in het boek 'Epidemiolo­gisch onderzoek: opzet en inter­pretatie'. Per cursus­dag wordt aangegeven welke hoofdstukken uit dit boek globaal aan de orde kwamen en, meer speci­fiek, welke paragra­fen werden behandeld in de voordrachten en de werkgroe­pen. Tevens worden oefeningen gegeven waarmee men kan contro­leren of de hoofdza­ken duidelijk zijn geworden. Van alle opdrachten en oefeningen is een antwoordsleutel beschik­baar.

    Het is voor de eigen gemoedsrust verstandig om zich te realiseren dat men zich in vijf dagen tijd natuurlijk niet tot een volleerd epidemiologisch onderzoeker kan scholen. Het is vooral de bedoe­ling om basiskennis op te doen van de belangrijkste principes. Een aantal passages in het gehan­teerde leerboek gaan aanmerkelijk verder dan dat, en zullen zeker te moeilijk zijn voor degenen die voor het eerst kennisnemen van het vakgebied. Laat U zich daar vooral niet door ontmoedi­gen. Bedenk dat er met opzet een overmaat aan stof wordt aangeboden om a) ook deelnemers met enige voorkennis de kans te geven om voldoende te leren, en b) een ieder de mogelijkheid te bieden om na de cursus een aantal onderwerpen op eigen initiatief nader uit te diepen.

  • Ingangseisen en doelgroep

    Ingangseisen

    Voor het volgen van deze cursus is geen substantiële epidemiologische voorkennis vereist. Indien u geen epidemiologische voorkennis heeft, raden wij echter aan de literatuur voor aanvang van de cursus door te nemen. Vooral de hoofdstukken 1 en 2 van onderstaand leerboek zijn van belang.


    Doelgroep

    De cursus is bestemd voor personen die werkzaam zijn in de somatische of geestelijke gezondheidszorg in de ruimste zin van het woord (preventie, curatie, revalidatie, beleid en management) en interesse hebben in epidemiologisch onderzoek, of door hun werkzaamheden betrokken zijn bij epidemiologisch onderzoek.
  • Cursusmateriaal en literatuur

    Cursusmateriaal

    Cursisten ontvangen op de eerste cursusdag een reader met de werkgroepopdrachten, de uitgewerkte antwoorden, hand-outs van de dia's die bij de lezingen worden gebruikt en aanvullende literatuur.


    Literatuur

    Bouter LM, Van Dongen MCJM, Zielhuis GA, Zeegers MPA. Epidemiologisch onderzoek: opzet en interpretatie, Bohn Stafleu Van Loghum, zevende herziene druk, 2016, ISBN 978 90 368 0561 2

  • Afsluiting, beoordeling en EC's

    Een verklaring van deelname wordt afgegeven indien de cursus in zijn geheel gevolgd is. In bijzondere gevallen kan de cursuscoördinator, na voorafgaand overleg en bij een geldige reden, besluiten bij geringe afwezigheid (max. 20%) toch een certificaat uit te reiken.

    Deelnemers die deze cursus volgen als onderdeel van de Masteropleiding Epidemiologie ronden de cursus altijd af met een tentamen.
    Deelnemers die deze cursus als een afzonderlijke cursus volgen kunnen facultatief de cursus afsluiten met een tentamen.
    Alleen wanneer het tentamen met een voldoende resultaat wordt afgesloten ontvangt u een tentamenverklaring met daarop de studiepunten (EC’s)

    Voor deelname aan het tentamen moet zich men altijd aanmelden.
    Zie voor informatie en aanmelding: Tentamens

  • Accreditatie

    Deze cursus is geaccrediteerd voor:

    • Cluster 1: huisartsen, specialisten ouderengeneeskunde, artsen verstandelijk gehandicapten
    • Cluster 2: medisch specialisten
    • Cluster 3: sociaal geneeskundigen, bedrijfsartsen, verzekeringsartsen, artsen maatschappij en gezondheid

    De cursus 'Epidemiologisch onderzoek: opzet en interpretatie' (V10) is geaccrediteerd voor 30 uren.
    Om in aanmerking te komen voor de accreditatie-uren van deze cursus dient u de gehele cursus aanwezig te zijn geweest.

Als u doorsurft op deze website, gaat u akkoord met de plaatsing van cookies. Meer informatie Deze melding verbergen
U maakt gebruik van een verouderde browser, voor optimaal gebruik raden wij aan om uw browser te updaten.